 |
Heikki
Mikkola: het hele verhaal
| Heikki
Mikkola werd geboren op 6 juli 1945 in Mikkeli. Het gezin Mikkola
(pa heette Toivo en ma Helvi) verhuisde enkele jaren later naar
Sajaniemi. Al op zeer jonge leeftijd bleek Heikki over een sportieve
ingesteldheid te beschikken: hij deed onder meer aan schansspringen,
langlaufen, basketbal, veel atletiek en gewichtheffen. Na het
doorlopen van de technische school werkte hij als automonteur
en een jaar als pantsermonteur in militaire dienst. Al op jonge
leeftijd begon Heikki met zijn crosshobby op een fiets. Met Martti
Pesonen (die later zeven keer Fins kampioen wegrace werd) bouwden
ze dempingen en lange zadels op hun fietsen. Met die fietsen crossten
ze op een parcours in de Finse bossen en wedijverden ze voor de
verste sprong. Na de fietsen kwamen de mopeds. Heikki kreeg zijn
eerste toen hij veertien was, maar enkele jaren later wilde hij
een |
|
| Hij
verkocht zijn moped en kocht een Ducati met drie versnellingen.
Zijn vader Toivo wist hiervan niets en Heikki hield zijn Ducati
verborgen tot zijn vader erachter kwam. Heikki had nog geen rijbewijs
en hij moest de motor terugbrengen naar de verkoper. |
Eerste
wedstrijd
Martti
Pesonen kocht een nieuwe Husqvarna in de zomer van 1964. Heikki,
net 19 geworden, leende Martti’s oude Greeves-machine en
hij zou na een race beslissen of hij de motorfiets ook zou kopen. |
In
de week vóór de race in Turku trainde Heikki twee
maal. Hij was zeer nerveus en kon de nacht voor de wedstrijd nauwelijks
slapen. De wedstrijd begon slecht voor Heikki, omdat hij de eerste
bocht miste en de achtervolging moest inzetten in een stofwolk.
Zijn race eindigde met een 6de plaats in de juniorenklasse. Heikki
was enthousiast en de Greeves had een nieuwe eigenaar.Dat
seizoen reed hij nog twee wedstrijden waarin hij |
|
een
derde plaats behaalde in Hyvinkää en een vierde in Heinola.
In de lente van 1965 werd de eerste wedstrijd
gehouden in Salo. Daar zou Heikki tweede eindigen na Jorma Järvinen
in de juniorenklasse, ware het niet dat hij de paddock een ronde
te vroeg in reed… Hij werd terug naar het circuit geleid,
maar eindigde pas op de derde plaats. Mikkola kocht een Husqvarna
van Marti Pesonen en won prompt de eerstvolgende race in Kouvola.
Deze motor was superieur, vergeleken met de oude Greeves. Heikki
reed dat seizoen 18 wedstrijden en won er 11. Zijn slechtste resultaat
was een vijfde plaats. |
1966
In
1966 kocht Heikki een nieuwere moto, alweer een Husqvarna van
Marti Pesonen. Hij reed dat jaar zijn eerste race voor het Fins
Kampioenschap, reed op kop maar brak zijn pols na een valpartij.
Heikki raadpleegde geen dokter, omdat de volgende wedstrijd voor
het kampioenschap al na drie dagen plaatsvond. Daar werd hij tweede,
ondanks felle pijn. Heikki was vastbesloten om deel te nemen aan
het Finse luik voor het wereldkampioenschap in Hyvinkää.
Hij was de snelste starter in de eerste reeks, vóór
wereldkampioenen en andere hardrijders! Drie ronden hield hij
zijn koppositie, tot de vermoeidheid toesloeg en de pijn in zijn
pols weer opkwam. Heikki verloor vele plaatsen, hetzelfde gebeurde
in de tweede reeks. Maar zijn debuut was zeker niet onopgemerkt
voorbij gegaan!
In 1966 won Heikki Mikkola het Fins kampioenschap Enduro voor
juniores. Maar de gekwetste pols scheen maar moeilijk te genezen.
Heikki had zich er stilaan mee verzoend dat zijn prille motorcrosscarrière
ten einde was en dacht eraan om een garagebedrijfje te starten
met een vriend. Door een speciale training, ontwikkeld door gewichtheffer
Seppo Vuorinen genas Heikki’s hand tijdens de winter, zodat
hij weer kon trainen. |
|
1967
In
het seizoen 1967 won Heikki Mikkola zijn eerste WK-punt tijdens
de Grote Prijs van Finland in Hyvinkää op een 250 cc
Husqvarna. Hij eindigde 8ste en 6de in de reeksen en werd 6de
in de eindstand van die GP. Maar zes deelnemers sprokkelden WK-punten
in dat jaar. Die zomer nam Heikki deel aan het wereldkampioenschap
voor landenteams 250 cc in Holice. Het Finse team bestond naast
Heikki ook uit Jyrki Storm (Storm werd 5de in het WK 250 cc) en
Aimo Lehtinen. Ze eindigden 6de. Tijdens hun terugweg nam het
team deel aan de wedstrijd om het Scandinavische kampioenschap
dat ze wonnen. |
|
1968
De
Grote Prijs 1968 in Hyvinkää werd een Fins feest: Kalevi
Vehkonen was superieur snel op zijn Husqvarna. Regerend wereldkampioen
Joël Robert reed in de tweede reeks een minuut na Vehkonen
over de meet. Hij was de tweede Fin in de motorcrossgeschiedenis
die een GP won. De eerste Fin was Aarno Erola die in 1962 de 250
cc-wedstrijd in Tikkurilla won. Mikkola eindigde 6de en 7de in
de reeksen en werd in |
de
eindstand 6de. Een week later werd de GP van Zweden in Hedemora
gereden. Heikki startte slecht maar vocht zich terug naar een
6de plaats. In de tweede reeks startte hij goed en reed lange
tijd op de tweede plaats na de Belg Joël Robert. Robert moest
na een defect aan zijn CZ de wedstrijd staken en Heikki won de
reeks met anderhalve minuut voorsprong op Torsten Hallman. Heikki
Mikkola & Husqvarna wonnen hun eerste GP! Het parcours in
Hedemora was erg hard en Heikki reed voor de eerste keer op een
dergelijk circuit. Daarvoor investeerde hij in nieuwe crossbanden
voor deze wedstrijd. Het was de gewoonte dat de Finnen een heel
seizoen reden op dezelfde banden. Achteraf maakte hij de bedenking
dat nieuwe banden een groot |
|
verschil
maakten… De Zweedse Husqvarna-fabriek contacteerde Heikki
na die GP met de belofte serieuze kortingen toe te kennen op onderdelen
voor het nieuwe seizoen. Op de terugweg naar Finland besloot Heikki
om voortaan aan meerdere GP’s te gaan deelnemen. In juni
1968 stapte Heikki Antero Mikkola in het huwelijksbootje met Kaija
Hannele Pohjola. |
1969
In
1969 reisde Heikki met Kalevi Vehkonen door Europa. Ook België
deden ze aan: wie had toen al durven denken dat hier de uitvalsbasis
voor zijn verdere carrière zou liggen? Ze zouden gaan deelnemen
aan alle 12 Grote Prijzen van dat jaar, Heikki reed echter maar
9 wedstrijden. Letsels waren onvermijdelijk: in Zwitserland verloor
hij twee voortanden na een val. Aan het einde van het seizoen
had hij twee stifttanden, een pijnlijke enkel en een ingetapete
middenvinger. In de totaalstand werd hij 14de. Dat jaar werd beschouwd
als een investering in ervaring voor het volgende seizoen. De
crossmotor en zijn vervoermiddel zou moeten verbeteren. Heikki
kocht een Volkswagen-bestelwagen voor de verplaatsingen en om
in te leven en een aanhangwagen voor de moto’s. Dit was
alweer een belangrijke stap richting professionaliteit. |
|
1970
Het
doel voor 1970 was een top-6 plaats in het WK. Het eerste luik
van de GP-reeks vond plaats in Sabadell, Spanje. Aanvankelijk
ging het behoorlijk goed: na 8 wedstrijden was hij 6de in de tussenstand.
Tijdens de zomerstop van het WK-seizoen reed en won Heikki gemakkelijk
enkele wedstrijden in de Verenigde Staten. De volgende GP op de
kalender werd gereden in zijn thuisstad Hyvinkää op
9 augustus. Heikki was nu goed geprepareerd en supergemotiveerd.
De Husqvarna-fabriek was op de hoogte |
van
zijn Amerikaans avontuur en stuurde hem
meer dan voldoende wisselstukken. De dagen voor de GP werd druk
gesleuteld aan de motor: wel vijf maal veranderden ze het motorblok,
maar het resultaat was nog niet zoals Heikki het wilde. Toch won
hij de eerste reeks van de GP in Hyvinkää met gemak.
In de tweede reeks reed hij aan de leiding tot in de vijfde ronde
de benzinedop van zijn tank losraakte. Een pitstop was nodig om
de dop te vervangen en na een bitsige strijd behaalde hij alsnog
de tweede plaats. Heikki Mikkola won de GP van Finland, ondanks
luid protest van de Belgen. Er was nu geen houden meer aan en
Heikki won ook de laatste Grote Prijzen van het |
|
seizoen
in Zwitserland en Oostenrijk. In de eindstand hielden de Belgen
Mikkola net buiten de top 3 met één enkel puntje;
Roger DeCoster won het brons met 74 punten tegenover 73 punten
voor Heikki.
1970 was ook het jaar waarin Heikki Mikkola kennis maakte met
de familie Meekers. Naar aanleiding van de Grote Prijs van België
in Paal bracht Kalevi Vehkonen een bezoekje aan Georges Meekers.
Heikki, die met zware griep in de bestelwagen achterbleef, werd
na aandringen binnengeroepen. Toen bleek dat hij koorts maakte,
werd de dokter erbij gehaald. Een jaar later werd Georges Meekers
de manager van Mikkola.
|
1971
Bij
de aanvang van het volgende seizoen liep het al snel mis: enkele
blessures en een voedselvergiftiging, opgelopen tijdens de GP
van Polen (Szczecin), in een volgende wedstrijd werd een tweede
plaats omgezet naar een vierde na een misrekening van de jury…
Aan het eind van dit seizoen wist Heikki Mikkola dat ook hij wereldkampioen
kon worden, net als de andere kanshebbers. “Om het WK te
winnen moet je er rotsvast in geloven beter te zijn dan de anderen”,
opperde Heikki. Ook anderen geloofden erin: |
zowel
Husqvarna als CZ contacteerden hem. Hij koos voor Husqvarna, waarbij
hij een driejarig contract tekende. Heikki verhuisde naar het
Belgische Beringen en had als fabriekspiloot geen bestelwagen
meer nodig. Bij de familie Meekers vond hij de steun die later
zou leiden tot de gekende resultaten. De nodige wisselstukken
waren vanaf nu meer dan voldoende voorradig. De fabrieks-Husqvarna
was geen gewone motorfiets van de assemblagelijn. Deze speciaal
gebouwde machine was veel sneller. Het seizoen 1971 leek door
te zetten waar het vorige eindigde: Heikki startte in acht internationale
wedstrijden voor de GP’s, met uitstekende resultaten. Er
werd een Fins feestje gebouwd na de GP van Polen, waar Kalevi
Vehkonen de wedstrijd won voor Heikki Mikkola. Na de Oost-Duitse
GP in Beuern (9 mei) stond Heikki aan de leiding van het WK. Hij
was de eerste Fin die ooit aan de leiding stond in de tussenstand
van het WK. Maar toen veranderde alles: Suzuki maakte een enorme
vooruitgang. |
|
Joël
Robert en Sylvain Geboers kregen betere machines ter beschikking,
die sneller accelereerden en beter te berijden waren. Suzuki leverde
bovendien een mecanicien per machine. Heikki Mikkola was teleurgesteld
in de ingenieurs van Husqvarna: zij stelden één
enkele mecanicien tewerk voor vijf machines, bovendien hadden
Zweedse rijders als Håkan Andersson prioriteit op de andere…
Hij slaagde erin te strijden tegen de machtige Suzuki’s.
Heikki stond in de tussenstand ondanks alles nog steeds op de
tweede plaats in het WK, voor de Finse GP in Hyvinkää.
Het succes van het Finse team lokte zoveel motorcrossfans dat
de toegangskaarten voor die GP snel uitverkocht waren. De schitterende
resultaten van de Finnen bleven echter niet duren. Vehkonen werd
in Hyvinkää vijfde, Mikkola moest opgeven in de eerste
reeks door een elektrische fout en in de tweede reeks na problemen
met de remmen. De teleurstelling was groot: Heikki werd weer vierde
in de eindstand. |
1972
Heikki
lichtte de Husqvarna-ingenieurs in over zijn onvrede en de Zweden
beloofden verbeteringen. Hij kreeg een eigen mecanicien ter beschikking,
Per-Olov Persson, en verhuisde naar de 500 cc-klasse. Husqvarna
bouwde intussen een nieuwe machine die behoorlijk groot en zwaar
was om te gebruiken in de WK-races. De andere teams opteerden
– en kregen – de oudere machine, maar Heikki werd
verplicht de nieuwe machine te berijden. Om commerciële redenen
was het belangrijk om in de GP-races uit |
te
pakken met dezelfde motorblok van de productie-Husqvarna’s.
Maar dat betekende ook dat Mikkola hiermee benadeeld werd ten
opzichte van zijn concurrenten. Roger DeCoster was superieur en
won opnieuw goud, het zilver werd behaald door CZ-rijder Paul
Friedrichs. Heikki eindigde maar één puntje na Friedrichs
en won zijn eerste WK-medaille. Hij had eigenlijk niet de kans
om te strijden voor het zilver: hij stond nog tweede in de stand
voor de laatste GP-manche, 11 punten voor Friedrichs. Maar zijn
motor kreeg water binnen tijdens de trainingen en startte niet
meer bij het begin van de GP. Heikki Mikkola bleef verbitterd
|
|
| achter
in de paddock. Dit voorval was alweer te danken aan een mechanisch
defect. Via Rodney Gould werd Mikkola in 1972 voor de eerste keer
benaderd door Yamaha, maar omdat hij liever niet te lang wilde wachten
voor het ondertekenen van een nieuw contract, bleef hij bij Husqvarna... |
1973
Voor het seizoen 1973 vroeg de Husqvarna-top aan Heikki om weer over
te stappen naar de 250 cc-klasse. Na twee GP’s leidde de 35-jarige
veteraan Adolf Weill (Maico) het WK, Heikki stond vijfde. Håkan
Andersson trad vanaf de derde race aan met een nieuwe Yamaha-machine.
Deze machine had een compleet nieuw veringsysteem. Dit mono-shock-systeem
werd ontworpen en ontwikkeld door de Belgische ingenieur Lucien Tilkens
en Yamaha was bereid dit systeem te gaan gebruiken. Dit was absoluut
de meest spectaculaire technische vernieuwing in het motorcross van
de voorbije decennia. Met als gevolg dat Mikkola en zijn concurrenten
elke ronde enkele seconden verloor op de onoverwinnelijke Andersson.
De Yamaha-rijder won 11 WK-reeksen en werd haast gemakkelijk wereldkampioen.
Als zijn machine het niet liet afweten, behaalde Heikki Mikkola telkens
een mooie ereplaats, maar dat gebeurde zelden. Ondanks drie reeksoverwinningen
werd Heikki derde in de eindstand, na Adolf Weill.
1974
In
1974 wilde Husqvarna dat Heikki aantrad in de 500 cc-klasse, wat
hij zonder problemen aanvaardde. Dit was immers de koninginneklasse.
Husqvarna’s zware 360 cc-machine liep erg goed. Heikki raakte
gekwetst in februari, maar genas snel en eind maart van dat jaar
won hij met gemak de Internationale tweedaagse Paastrofee. De
openingswedstrijd voor het WK startte in het Oostenrijkse Sittendorf,
niet meteen Heikki’s favoriete parcours. Toch won hij beide
reeksen. Ook in de Franse GP-wedstrijd |
was
dat het geval, maar Roger DeCoster bood behoorlijk tegenstand.
Vele motorcrossliefhebbers getuigden dat dit de spannendste wedstrijd
was die ze zagen. 12 reeksoverwinningen waren nodig voor de wereldtitel
en Heikki behaalde er al vier. Mikkola en DeCoster wonnen allebei
twee reeksen in de volgende twee GP’s en ze waren duidelijk
de besten uit het peloton. Husqvarna bood Mikkola een nieuw contract
aan voor het volgende seizoen, maar de Fin wilde wachten met de
beslissing omdat het beter zou zijn te onderhandelen in de herfst.
Maar de strijd werd bitsiger: Heikki raakte gekwetst in de Duitse
GP in Beuers, maar kon genezen tijdens de drie weken rust die
daarop volgden. Maar de zaken draaiden ook niet zoals Roger DeCoster
het wilde. Vóór de laatste GP stond het 9-7 voor
Mikkola wat de reeksoverwinningen betreft en in de puntenstand
171 – 163. Roger DeCoster’s enige kans voor de wereldtitel
bestond erin om de laatste twee reeksen te |
|
winnen
en zelfs dan moest Mikkola slechts derde eindigen in beide reeksen.
In de eerste reeks nam de Belg meteen de leiding, Mikkola volgde
op de zesde plaats maar remonteerde al snel naar de tweede stek.
Na half wedstrijd kreeg DeCoster af te rekenen met pech en plots
besefte Mikkola dat hij de nieuwe wereldkampioen was! Helemaal
verward en als een eerstejaarscrosser reed hij verder over het
parcours. Zijn ploegmaat Bengt Åberg haalde de virtuele
wereldkampioen nog in, maar wilde hem niet passeren, hoewel Heikki
hem wel wilde voorbijlaten. Åberg reed nog lek en Heikki
Mikkola won alsnog de race. Zelfs ’s anderendaags leek het
alsof de nieuwe wereldkampioen nog op een wolk leefde. Koude rillingen
liepen over zijn rug bij de gedachte dat hij eindelijk ’s
werelds beste motorcrosser was… Het gevoel was onbeschrijfelijk!
Honda klopte ditmaal aan voor een contract met verplichtingen
aan belangrijke wedstrijden in de Verenigde Staten. Dat zag de
nieuwe wereldkampioen niet zitten en Mikkola tekende opnieuw een
overeenkomst bij Husqvarna voor het volgende seizoen. |
1975
Het
nieuwe seizoen 1975 startte niet optimaal: de problemen met de
Girlingschokdempers werden opgelost door de aankoop van Hulco’s,
maar Heikki blesseerde zich tijdens een training in februari omdat
de carburator haperde in vol gas. Op dat ogenblik werd een fractuur
ontdekt die hij de vorige zomer opliep: Heikki’s rug werd
ingegipst, maar einde maart trainde hij alweer in België.
Het WK begon dat jaar in Payerne, Zwitserland. Mikkola en DeCoster
wonnen in die wedstrijd allebei een reeks. Husqvarna gebruikte
de nieuwe Britse achtervering, maar na twintig minuten wedstrijd
verloren die hun effect. Roger DeCoster werd dat jaar wereldkampioen
met 12 reeksoverwinningen, Heikki Mikkola werd alsnog tweede met
5 reekswinsten. |
|
1976
Heikki
stapte in 1976 alweer over naar de 250 cc-klasse. De Husqvarna-fabriek
had goede publiciteit nodig voor de 250 cc-machine omdat het sinds
Torsten Hallman geleden was dat een Husqvarna-rijder de titel
won. Mikkola reed dat jaar met een gewone motor zoals die werd
verkocht aan het publiek, hij was alleen enkele kilo’s zwaarder.
Husqvarna voerde lange tijd de politiek om de fabrieksmotoren
zo veel mogelijk te laten lijken op de productie-Husky’s.
Speciale onderdelen werden niet gebruikt omdat die te veel zouden
opvallen. Mikkola’s machine woog 101,5 kg, de fabrieks-KTM
van de Rus Gennadi Moisejev woog maar 93 kg. Dat extra gewicht
was vanzelfsprekender in de 250 cc-klasse omdat die minder krachtig
waren. De Husqvarna’s hadden hoedanook minder power dan
de rivaliserende merken: de technische ontwikkelingen bereikten
niet de verhoopte resultaten. Toch leek het erop dat Mikkola na
5 reeksoverwinningen regelrecht naar de titel reed. Maar toen
anticipeerde Moisejev: na acht GP’s leidde Mikkola met 6
zeges tegen 5 voor de Rus. Husqvarna had te weinig |
acceleratievermogen,
wat problemen gaf bij het starten en in scherpe bochten maar deed
het wél goed op lange rechte stukken en snellere bochten.
In de laatste GP van het seizoen kon Moisejev de titel behalen
door dubbele winst en Mikkola mocht niet eindigen bij de eerste
drie. De mentale strijd was hard: er gingen geruchten over hoe
het Russische team Mikkola uit de baan zou rijden… Moisejev
deed wat hij moest en won beide reeksen. Zijn Finse opponent werd
echter tweede en werd hierdoor de eerste motorcrosser die de wereldtitel
won in zowel de 250 als de 500 cc-klasse! Ook de nationale |
|
kampioenschappen
250cc én 500cc van Finland werden gewonnen door Mikkola.
Hij reed 12 jaar voor het Zweedse Husqvarna, waarvan 6 seizoenen
als fabrieksrijder. Het budget voor de professionele motorcrossteams
werd vanaf 1977 echter flink teruggeschroefd, wat een negatieve
invloed op het team zou hebben. Er waren meerdere malen geruchten
over een overstap naar het een ander merk, vele teams wilden wel
een wereldkampioen in hun rangen..
De vliegende Fin vertelt: “Yamaha hield contact met me sinds
1972. Omwille van financiële redenen werd het team in 1976
opgedoekt, anders zou ik al langer zijn overgestapt. Ik had er
vertrouwen in dat Yamaha een zeer competitieve motor voor mij
zou kunnen bouwen. De teamleiders raadden me aan een goede mecanicien
te zoeken. Dat zou een Europeaan moeten zijn (liefst een Fin),
vrijgezel en bereid veel te reizen. Het is een enorm voordeel
wanneer de rijder en zijn mecanicien dezelfde taal spreken. Die
zou bij voorkeur ook goed moeten communiceren met de vertegenwoordigers
van de fabriek. Ik had de juiste man in gedachten: Heikki Penttilä
uit mijn thuisstad Hyvinkää.
Het contract werd ondertekend in Amsterdam en in december 1976
vlogen we naar Japan voor een bezoek aan het Yamaha-racing afdeling
en de persconferentie. Die vond plaats in hotel Tokyu in het Japanse
Ginzo, waar het raceprogramma van Yamaha bekend gemaakt. De fonkelnieuwe
machine (YZM400) voelde vreemd aan tijdens de eerste test; de
vering was afgesteld op een veel lichtere piloot dan ik. Tijdens
een bultige afdaling werd ik verrast en viel. Maar er was professionele
hulp voor alle problemen en dat was even wennen: wel tien Japanse
ingenieurs werkten zich zodanig uit de naad dat Hessu (lees: Heikki
Penttilä) moeite had om ook maar in de buurt van de motorfiets
te komen! Bij Husqvarna was ik al blij met één enkele
mecanicien! Tijdens ons bezoek aan Japan werkten de Yamaha-ingenieurs
de klok rond om aan al mijn wensen te voldoen. Elke morgen mochten
we een verbeterde machine testen en aanmerkingen doorgeven, die
dan ‘s avonds werden uitgewerkt.
We werkten op die manier gedurende een hele week!”
|
1977
Voor
de start van het seizoen in 1977 was Mikkola’s overstap
van Husqvarna naar Yamaha hét gespreksonderwerp. “De
vering van de nieuwe Yamaha was lange tijd een probleem in 1977.
De voorvering functioneerde niet naar behoren tijdens de eerste
GP in Oostenrijk, maar Hessu loste het probleem op voor de start
van de eerstvolgende race. De problemen deden zich voor aan de
Yamaha mono-vering waarmee wij geen ervaring hadden. De Yamaha’s
van 1977 waren écht niet goed. De ingenieurs deden echter
hun best om alle problemen tijdig op te lossen”. Dat leidde
tot de perfecte machine voor Mikkola: hij had een nieuw motorblok,
een nieuw frame en een nieuw veringsysteem, alles behalve de handvatten
waren nieuw! De Yamaha woog 3 kg. minder dan het vorige model.
De Yamaha was heel betrouwbaar en snel met Heikki als perfecte
piloot. Hij reed op de motor die helemaal beantwoordde aan zijn
technische vaardigheden.
Een vlot verloop had niemand kunnen voorspellen bij de aanvang
van het seizoen. |
Heikki
was immers slachtoffer van een valpartij tijdens zijn eerste race
op Yamaha, in Hechtel (België) op 30 januari 1977. Een sleutelbeenbreuk
betekende een maand inactiviteit. Hij reisde terug naar Hyvinkää
om zijn basisconditie op peil te houden. Zijn persoonlijke mecanicien
Heikki Penttilä gebruikte die tijd om de problemen met de
vering aan te pakken. Volgens hem was de oorzaak van dat ongeval
de compleet verkeerde afgestelde vering. Penttilä deed er
drie maanden over om dat probleem op te lossen.
Op dat ogenblik zag het er niet te best uit, maar amper een maand
later stond de kampioen op scherp: hij won de vermaarde Paastrofee
in Geldenaken en Marche-en-Famenne.
Zelfs in de eerste GP van het jaar in Oostenrijk, deed de vering
het verre van perfect, maar tijdens de GP van Nederland bleek
alles bijna in orde. De twee Heikki’s keerden terug naar
België in de tweede week van maart. Er werden nog vijf wedstrijden
gereden voor de Grote Prijzen eraan kwamen.
Die eerste GP werd een feest voor de Suzuki-rijders, maar wel
voor de eerste én laatste |
|
keer
dat seizoen. Heikki was teleurgesteld in zijn prestaties (derde
en vierde), maar zijn comeback verliep beter dan verwacht. In
de GP van Nederland won hij beide reeksen. Daarna werd hij leider
in de tussenstand en gaf die positie dat seizoen niet meer op.
In de GP van Bielstein in West-Duitsland toonde Mikkola nogmaals
zijn onuitputtelijke wilskracht: in de tweede reeks werd hij gewond
in het gezicht, wellicht door een rondvliegende steen. Hij eindigde
de race nog als tweede, maar moest na de finish onmiddellijk afgevoerd
worden naar het ziekenhuis. Een wonde onder het oog moest verzorgd
worden. Heikki Penttilä mocht als vervanger plaatsnemen op
het hoogste schavotje. Tijdens het WK van 1977 was het belangrijk
om regelmatig te zijn. Het werd een enorm succes voor Mikkola:
hij won dat jaar met 50 punten voorsprong op zijn dichtste belager
Roger DeCoster. Tijdens de laatste GP van Zwitserland moest hij
forfait geven vanwege een gekwetste pols. Het kampioenschap was
immers al beslist in de GP van België, enkele weken daarvoor.
Heikki won 12 reeksen, evenveel als Roger DeCoster’s record
uit 1975. Hij werd 4 keer tweede, 3 keer derde en een keer vierde
en vijfde. Hij moest één enkele keer opgeven.
In het middenseizoen, na de race in Carlsbad, werd gecrost in
Montreal, Canada. Daar startte de meest nerveuze week van het
crossseizoen, een apart verhaal…
Heikki Mikkola en Pierre Karsmaekers hadden beiden maar 1 moto
voor deze twee Amerikaanse wedstrijden. De machines zouden als
cargo overgevlogen worden naar Montreal. Het serienummer was echter
veranderd op Karsmaeker’s frame en na een controle bleef
de lading op de luchthaven. Er werd een verklaring gegeven door
Yamaha, maar de vlucht was al weg. De volgende cargovlucht bestond
uit een lading groenten en het was verboden om de moto’s
mee te laten reizen. Mikkola en zijn gevolg werden nerveus in
Montreal. Bij de concurrenten was alles wél in orde…
De druk werd groter naarmate de trainingstijden naderden. Het
was al vrijdagavond en alle weekendvluchten waren volgeboekt.
Er werd constant getelefoneerd naar Los Angeles, Yamaha boekte
zelfs tickets om de moto van Heikki desnoods over te vliegen in
reistassen! Uiteindelijk vonden ze de juiste man die de machines
kon laten leveren in Chicago, maar ook daar stropte alles alweer:
de piloten weigerden de moto’s te laden omwille van het
overgewicht! Uiteindelijk werden toch alle reiskoffers met handkracht
uit het vliegtuig geladen om het materiaal in de bagageruimte
te laten passen.
De Yamaha’s arriveerden op Montreal Airport op zaterdag
om 13 uur, precies één uur voor de eerste trainingen.
De luchthaven lag op 100 km van het circuit, zodat Heikki voor
de eerste trainingen verstek moest laten gaan. Toen het materiaal
op het circuit aankwam, werd de vrachtwagen begeleid door een
politiewagen mét zwaailicht en sirene!
Heikki Mikkola had een slapeloze nacht achter de rug: om 2 uur
’s nachts belden de Yamaha-verantwoordelijken met de belofte
dat ze ”een moto hadden geregeld”. ”Op zaterdagmorgen
troffen we een onwaardige machine aan in het rennerspark. Het
zag er niet uit, ik zou er hooguit één ronde mee
hebben kunnen rijden” zegt Heikki. De Mikkola-entourage
werd erg nerveus en er barstten discussies los zonder enige reden.
Het waren niet de beste omstandigheden om te presteren, maar ondanks
alles won Heikki de eerste reeks en werd derde in de tweede reeks.
Heikki moest opgeven in de eerste reeks van de GP in Trowbridge,
Groot-Britannie. Maar het was geen technisch mankement. “Ik
had een slechte start. Toen ik bij DeCoster kwam, besloot ik even
te recupereren in het wiel van de Belg. Maar Roger viel en ik
raakte zijn moto. Mijn voorrem was zwaar beschadigd en ik viel
nogmaals omdat mijn achterrem niet voldoende functioneerde in
een moeilijke afdaling. Toen besloot ik op te geven”. De
tweede reeks werd gewonnen door… Heikki Mikkola.
Na die wedstrijd was er een rustpauze van een maand. Heikki nam
deel aan vijf tussenwedstrijden en won ze allemaal. In de Belgische
GP kon het kampioenschap beslist worden. DeCoster realiseerde
zich dat zijn kansen verkeken waren en concentreerde zich al op
het volgende seizoen. Wolsink was dat seizoen erg betrouwbaar
en regelmatig. Hij scoorde punten in elke reeks en gaf zich nog
niet over. Mikkola startte niet in Namen om de titel te claimen,
maar om zich te verzekeren van een goede afloop. Daarom vocht
hij niet terug toen DeCoster hem passeerde in de eerste reeks.
Hij berekende dat de tweede of derde plaats voldoende waren voor
hem. Maar Heikki eindigde tweede en Wolsink werd pas twaalfde!
Heikki voelde dat de wereldtitel voor het grijpen lag. In de tweede
reeks gaf Mikkola een grandioze show waarbij hij iedereen verbaasde.
Toen het hek viel kende Mikkola geen al te beste start, maar op
het ogenblik dat de anderen remden voor de eerste bocht, vloog
Heikki iedereen voorbij, zodat hij na die eerste bocht al meteen
20 meter voorsprong had! “Ik koos voor de beste lijn. Ik
kon later remmen omdat de anderen de binnenkant van de bocht namen.
Dat was zo gepland. Mijn tactiek werkte 100%, hoewel er risico’s
aan verbonden waren omwille van de slipperige ondergrond. Gelukkig
bleef ik recht en dat besliste over het vervolg van de hele reeks”.
Het resulteerde zelfs in de wereldtitel! Wolsink vocht nog hard
terug, maar viel bij één van zijn passeerpogingen.
Mikkola vergaarde 247 punten, Wolsink 184. Zelfs vier reeksoverwinningen
zouden niet voldoende zijn voor de Nederlander. Mikkola: “Deze
titel kwam als een verrassing, we kochten zelfs nog geen champagne.
We vierden dan maar met bier!”
Roger DeCoster daagde me uit om de rest van het seizoen nog interessanter
te maken. Hij verkondigde publiekelijk dat hij zou laten blijken
hoe sterk de nieuwe kampioen wel zou zijn…
Tijdens de week na de GP van België werd de titel uitbundig
gevierd en Heikki’s concentratie was niet optimaal. Roger’s
uitlatingen spookten echter wel de hele tijd door zijn hoofd.
14 augustus 1977. De eerste reeks van de GP van Luxemburg in Ettelbrück
werd geen succes omwille van een experiment met nieuwe banden.
De producent ontwikkelde een speciale band voor modderige circuits
en de omstandigheden leken hiervoor perfect. Maar het Luxemburgse
parcours droogde te snel en Heikki kon het tempo van Bengt Åberg
en DeCoster niet aan. Met andere banden toonde Heikki Mikkola
dat hij de terechte wereldkampioen was: hij won met 17 seconden
voorsprong op DeCoster en een halve minuut op Åberg. Een
Japanse vertegenwoordiger van Yamaha volgde Mikkola het hele seizoen
en rapporteerde al hun bevindingen aan de ingenieurs. Het model
1978 werd ontwikkeld op basis van die bevindingen. Toen ze eind
1977 opnieuw naar Japan reisden, was het prototype klaar voor
het testwerk.
|
1978
De
start van het wereldkampioenschap 1978 werd gegeven in het Zwitserse
Payerne, naast Namen ligt daar het absolute lievelingsparcours
van Heikki Mikkola. Een dubbele reeksoverwinning liet al meteen
blijken dat de Vliegende Fin een goede winter en dus |
perfect
voorbereid een het seizoen begon. Brad Lackey, Graham Noyce, Roger
DeCoster, Gerrit Wolsink, Jaak Van Velthoven en André Malherbe
zouden zijn dichtste belagers worden. Een week na de Zwitserse
GP streek het motorcrosscircus neer in het Oostenrijkse Sittendorf.
De Amerikaan Lackey was daar de beste, Heikki behaalde enkel een
3de en een 6de plaats. Die mindere prestatie werd in Frankrijk
op 30 april enigszins rechtgezet; de twee volgende GP’s
in Denemarken en zijn thuisland Finland werden een Finse walk-over
met 4 |
|
reeksoverwinningen!
De ervaring, koelbloedigheid én een perfecte Yamaha maakte
dat Mikkola werkelijk heerste over motorcrossland. Ook in het
Belgische Namen won Heikki 2 reeksen, deze keer onder erbarmelijke
weersomstandigheden. Tijdens die wedstrijd bewees de wereldkampioen
dat hij alle parcours aankon, in om het even welke weersomstandigheden.
De koelbloedigheid en vastberadenheid waren eens te meer de overtreffende
eigenschap, die leidde tot alweer een superieure zege. Dit was
het seizoen dat Heikki Mikkola totaal domineerde: alles zat perfect
door het harde werk van de hele Mikkola-entourage. Het zilver
ging in 1978 naar Brad Lackey, Roger DeCoster werd derde. |
1979
In
het voorjaar van 1979 werd de nu 34-jarige Heikki Mikkola getroffen
door een ernstige knieblessure. Die liep hij op tijdens één
van de voorwedstrijden, in het Belgische Hoeselt. Bij een zware
valpartij scheurden de gewrichtsbanden af in zijn rechterknie.
Hij werd behandeld door de vermaarde dokter Derweduwen in het
H. Hartziekenhuis te Mol. Na de operatie onderhield Heikki zijn
conditie door specifieke training in Finland. Deelname aan de
twee eerste GP’s in Oostenrijk en Frankrijk waren aanvankelijk
twijfelachtig, maar alweer haalde zijn doorzettingsvermogen de
bovenhand en hij startte amper 6 weken na zijn ongeval in Sittendorf,
met een puntenloos resultaat. In het Franse Thouars scoorde de
mankende Mikkola wel, met een vierde en |
een
derde plaats. Gestaag verbeterde zijn fysieke conditie en na twee
podiumplaatsen in de Zweedse GP toonde hij zich als waardige wereldkampioen
op Italiaanse bodem met een dubbele reeksoverwinning. In het Amerikaanse
Carlsbad bezeerde Mikkola zich weer aan zijn geteisterde knie,
de tweede reeks leverde een tweede plaats op. De hitte was dan
weer de voornaamste oorzaak van een puntenloos resultaat in Canada,
bij een valpartij in de tweede reeks kreeg hij een klap op zijn
borstkas, waardoor hij in de Duitse GP niet eens aan de start
kwam! Een lekke band en een vijfde plaats fnuikten de opmars van
Mikkola in Farleigh Castle. De Zwitserse bodem bracht eindelijk
geluk voor de Vliegende Fin. Twee overtuigende reeksoverwinningen
|
|
bewezen
dat de wereldkampioen de strijd nog niet opgaf. In het Nederlandse
Markelo werden twee derde plaatsen behaald, waardoor Mikkola in
de tussenstand voor het wereldkampioenschap op twee punten van
de derde plaats terecht kwam.
De Belgische GP in Namen, waar Heikki in het verleden motorcrossgeschiedenis
schreef, verliep desastreus voor Mikkola. In de openingsronde
van de eerste reeks kwam hij spectaculair ten val. De oorzaak
zou een nieuw ontwikkelde voorvork zijn die in geveerde toestand
weigerde weer de oorspronkelijke stand aan te nemen. De val was
zo zwaar dat de regerende wereldkampioen in de tweede reeks niet
meer startte.
De vliegende Fin besloot zijn actieve motorcrosscarrière
op 12 augustus 1979 in het Luxemburgse Ettelbrück. Een tiende
en een vierde plaats in die GP waren de laatste wapenfeiten van
deze viervoudige wereldkampioen. Dit seizoen kon niet slechter
verlopen voor Mikkola: de blessures raakten niet genezen en zijn
rivalen scoorden veel regelmatiger. De Brit Graham Noyce werd
dat jaar kampioen, voor Wolsink, Malherbe en Lackey. Mikkola werd
vooralsnog vijfde.
|
Na
1980
Hoewel
Mikkola enigszins teleurgesteld het seizoen 1979 afrondde, liet
hij de mogelijkheid open om ook in 1980 de strijd aan te gaan
voor een vijfde titel. Er werd echter een Yamaha-team opgebouwd
rond Danny Laporte en Neil Hudson. Een baan als teammanager werd
weggelegd voor de Fin om al zijn ervaring door te geven aan de
jongere generatie. Mikkola reed immers van 1971 tot 1979 in elk
wereldkampioenschap binnen de eerste vijf en draaide 17 jaar mee
in het MX-wereldje. Dat zou de ideale manier zijn om langzaam
een andere levensstijl aan te nemen. Ook dat schonk hem voldoening,
vooral na een overwinning van één van zijn renners.
Maar de stopzetting van de Yamaha-fabrieksteams ontgoochelde de
oud-wereldkampioen enorm. Hij mocht zijn werk wel voortzetten,
maar dat bracht een verhuis naar Japan met zich mee. En dat zag
hij als honkvaste Fin niet zitten. In 1980 kocht het gezin Mikkola
een boerderij met een flinke lap grond in Zuid-Finland. Daar bakt
hij nu brood, kweekt hij aardappelen, maïs en velerlei groenten,
die hij en zijn vrouw Kaija verkopen in hun winkeltje aan een
verbindingsweg tussen Helsinki en Jyväskulä. De eerste
jaren was het niet makkelijk om zijn jachtige ritme aan te passen
aan de Finse gewoonten, maar Heikki beviel zijn nieuwe leven prima.
Is Mikkola nogenigszins geïnteresseerd in het motorcross
van nu? “Ik volg het helemaal niet meer, zelfs de grote
wedstrijden in eigen land gaan aan me |
voorbij.
Ik heb tien jaren als prof geleefd voor de sport, maar nu kan
die sport mijn hobby niet meer zijn. Vele mooie herinneringen
blijven over na die lange carrière, maar het is genoeg
geweest”. Mikkola’s hobby’s zijn jagen, vissen
of relaxen in een bungalow aan één van de meren
hier in de buurt. Zijn fysieke conditie wordt nog steeds op peil
gehouden door intensieve langlauftrainingen. Aan enkele veteranenraces
nam Heikki nog wel deel, o.a. in het Oostenrijkse Gaildorf en
aan de Heeserbergen in Lommel. Die inmiddels legendarische race
werd nipt gewonnen door eeuwige rivaal Roger DeCoster, Heikki
rekende toen af met pech door een loskomend handvat.
Een snellere overstap van Husqvarna naar Yamaha zou zeker meer
wereldtitels opgeleverd hebben, maar gedane zaken nemen geen keer. |
|
Ook vandaag
is Heikki Mikkola een graag geziene gast op evenementen waarop
hij af en toe wordt uitgenodigd. Zijn figuur laat uitschijnen
nog steeds in goede conditie te zijn, een gevolg van het goede
leven in Finland. Zijn verblijf in België zal altijd een
speciale etappe blijven in zijn leven. |
|
 |
 |